Je eigen broek kunnen ophouden spreekwoord



Is “je eigen broek ophouden” het tegenovergestelde van. Sint-Niklaas: zèn toot blijve roeren (=niet kunnen Ophouden met praten); Steins: de kònt. Het is goed dat we onze eigen broek moeten ophouden, maar laten we.

Je eigen broek kunnen ophouden spreekwoord

Stoett (1923-1925), Nederlandsche Spreekwoorden, Spreekwijzen. Onze rijke cultuurgeschiedenis heeft een groot aantal pittige spreekwoorden en. Je eigen broek ophouden, desnoods door de broekriem strakker aan te halen.

Deze oefening gaat over uitdrukkingen en spreekwoorden met een kledingstuk of een. Financiële onafhankelijkheid… Een gevoelig punt, bij vrouwen, bij moeders en zeker bij veel webwinkeliers. Eerst even de cold hard facts:. Zijn eigen broek ophouden hemd. Een gezegde is net als een spreekwoord een vaste uitdrukking. Betekenis: niet zelfstandig een belissing kunnen nemen, maar het laten afhangen van een ander. Iemand of iets kunnen overmeesteren. Wel de splinter in het oog van de ander zien, maar niet de balk in het eigen oog.

Bij die twee heeft zij de broek aan.

Je eigen broek kunnen ophouden spreekwoord

Ergens uit ongenoegen mee ophouden. Aangetrouwde familie wordt nooit eigen. Al mettertijd komt Jan in de broek en Griet in de rokken. Mensen die zich zelf kunnen redden moeten niet geholpen. Als de boeren ophouden van klagen, de wereld gaat vergaan. Broek, Broek, Dutch, English, Translation, human translation, automatic.

Wat ik ook niet meer kan, is mijn eigen broek ophouden. Dit indachtig het spreekwoord: al draagt een aap een gouden ring, het is en blijft. Onderwerp: Re: Het spreekwoord opvolgspel (part I) – Gepost:. Niet je eigen broek kunnen ophouden. Hij: Voor zo een zonnig landschap zou ik kunnen knielen. Men moet de broek des levens ophouden met de bretels van de hoop. Letterlijk: Als varkens vleugeltjes hadden, dan zouden ze kunnen vliegen. Zo raak je verstrikt in een web van je eigen leugens.

Gaan slapen, Naar de witte Doelen gaan. Ook als "achter de gebreide broek liggen". Dichtvaren" of "Kunnen dichtvaren op iets of iemand". Daar uit is ook het spreekwoord van een hoerenkater, die ergens slecht.